Oppervlaktedelfstoffen grind en zand

Installatie BW1.jpg

In het Limburgse Maasland worden de natuurlijke delfstoffen grind en zand reeds sinds tientallen jaren gewonnen volgens twee methoden: de natte en droge ontginning.

  • Nat ontgonnen grind, valleigrind dat in de uiterwaarden van de Maas aangetroffen wordt, vertegenwoordigde in de jaren tachtig het grootste aandeel van de totale winning van ca. 10 miljoen ton op jaarbasis.
  • Droog ontgonnen grind of berggrind vormt het kleinere aandeel, maar groeiend sinds 1985, en bevindt zich westelijk van de Maas op het Kempisch Plateau.

Ondanks de reeds lang aan de gang zijnde ontginning zijn de reserves van deze natuurlijke rijkdommen nog zeer aanzienlijk, doch eindig in de tijd (geraamd geologisch voorkomen 4 miljard ton grind en zand, waarvan 405 miljoen ton grind in aanmerking kunnen komen voor ontginning). Voor bepaalde toepassingen, zoals in de bouwnijverheid, zijn grind en zand een noodzakelijke basisgrondstof, zodat met de huidige stand van de technologie de bevoorrading toch moet veilig gesteld worden.


Grindgemeenten

MHN ontginning.jpg

In het grinddecreet (B.S. 28-05-2010) zijn nu zes gemeenten aangeduid als grindgemeente. Van noord naar zuid zijn dit:

  • Kinrooi,
  • Maaseik,
  • Dilsen-Stokkem,
  • As,
  • Maasmechelen,
  • Lanaken. 


Ontginning

Perszuiger MH.JPG

Het grinddecreet behelst de afbouw en stopzetting van alle grindwinning in het Limburgse Maasland tegen 1 januari 2006, waarbij een globaal productiequotum van 59,5 miljoen ton valleigrind en 41,4 miljoen ton berggrind nog mag ontgonnen worden. De exploitatie wordt beperkt tot een jaarlijks quotum dat tweejaarlijks wordt vastgesteld door de Vlaamse regering en toegekend aan de erkende quotumhouders. Het ontgrinden moet gepaard gaan met landschapsherstel volgens goedgekeurde nabestemmingsplannen.
Om de globale quota te kunnen exploiteren werden in 1995 twee nieuwe grindwinningsgebieden aangeduid en opgenomen in het gewestplan Limburgs Maasland:

  • Boterakker te Kinrooi (140 ha, geraamde inhoud 27 miljoen quotumton), de ontginningsconcessie is toegewezen aan zeven quotumhouders;
  • Meerheuvel te Dilsen-Stokkem ( 90 ha, geraamde inhoud 17,4 miljoen ton), de ontginningsconcessie is toegewezen aan elf quotumhouders.

Bij de inwerkingtreding van het grinddecreet op 1 januari 1995 zijn ook nog een aantal effectieve en vanaf dan zogenaamde gemengde en oude ontginningsgebieden in uitbating:

  • Kleizone te Kinrooi,
  • Heerenlaak te Maaseik,
  • Negenoord en Bichterweert, groeves Bormans en Algri te Dilsen-Stokkem,
  • Mechelse Heide, groeves Lugo en Bex te Maasmechelen.

Uitbreidingsgebieden

Door een gebrek aan voldoende ontginningsterreinen voor de realisatie van het globale berggrindquotum besliste de Vlaamse regering op 18 juli 2003 tot een uitbreiding met drie zones voor de berggrindwinning op het Kempisch plateau.  

Het hierbij noodzakelijke gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) is op 15 juli 2005 definitief goedgekeurd.

  • Mechelse Heide Zuid: G1 en G3
  • Mechelse Heide Noord: G2

Na verlening van de vergunningen kon de ontginning in maart 2006 aangevat worden.


| naar boven |